gepost 21/03/2021

winnaar reeks 1 - verhaal 

De blijvende schat op een onbewoond eiland 

Steffen Verhofstede

In het midden van de zeven zeeën voer het schip, Piratenbaai. Op dat schip was een zelfverzekerde piraat aan boord, die een schat wou zoeken.

Hij zei tegen de kapitein: “Op naar het Noorden”, terwijl ze volop naar het Zuiden aan het varen waren.

Maar de kapitein ging niet akkoord en riep heel luid: “Matrozen, aan het werk; gooi die maffe piraat overboord!”.

Voor de piraat was het te laat. Hij riep nog: “Help, help!” maar niemand hoorde hem. Hij was natuurlijk ook heel erg ver van het vaste land.

De piraat was erg ongerust en hij dacht: “Wat moet ik nu doen?”

Zijn laatste wens was om ooit een schat te vinden. Helaas verdronk de man.

Een paar jaar later kwam een groot schip aan op een onbewoond eiland.

De bemanning kwam aan land en de kapitein riep heel luid: “Dit is ons pirateneiland!”

De piraten dachten om de schatkaart te gebruiken die ze hadden gevonden.

Misschien kunnen we zo de schat vinden? En inderdaad, het was de schatkaart van dat eiland.

Ze moesten een lange en gevaarlijke tocht afleggen. Maar uiteindelijk kwamen ze toch aan de eindplek van de schatkaart. Hier zou de schat begraven liggen. Ze groeven en groeven in de grond, maar ze vonden nog niets. Iedereen was doodmoe, maar de kapitein zei: “We moeten die schat vinden!”. Dus ze besloten om verder te graven en toen riep er een matroos: “Ik heb iets gevonden!”.

Het was een skelet. Toen de kapitein kwam kijken, was het weg. Ze dachten dat het het skelet was van de piraat die enkele jaren ervoor overboord was gegooid. Er waren de voorbije jaren al veel verhalen over de man rondgegaan. De kapitein zorgde voor een eetpauze, want de piraten hadden honger. Na de pauze gingen de piraten verder op zoek naar het skelet van die mysterieuze man.

Opeens kwamen ze de schat tegen die ze zochten. Het was een klein kistje, met veel juwelen en gouden munten in. Ze riepen snel de kapitein erbij om het fortuin te laten zien. Maar opeens kwam er een grote geest uit het kistje. Die geest riep: “Wie uit mijn kistje steelt, zal hier niet levend van het eiland geraken!” en een brede grijns kwam op zijn gezicht. De piraten dachten dat het een grap was en ze namen het kistje mee. Ze stapten allemaal rustig en vrolijk weg.

Maar de geest werd nog bozer en stuurde tien giftige slangen op hen af.

Er was een piraat die wel heel stil bleef en nadacht over een verhaal dat zijn opa hem had verteld.

Dat verhaal ging over een piraat die dolgraag een schat wou zoeken, maar de kapitein was daar niet zo blij mee en gooide hem overboord.

Hij zei tegen de anderen: “Wacht eens even, ik denk dat ik hem ken, mijn opa heeft hem overboord gegooid”. 

Ze zetten vlug het kistje terug en gingen zo snel als de bliksem terug naar hun schip.

Zo ontstond er een nieuw verhaal en heeft niemand het onbewoond eiland nog ooit durven betreden.

Vertel anderen over ons.