gepost 12/11/2020

Hij komt, hij komt

die lieve, goede Sint 

mijn beste vriend, jouw beste vriend, de vriend van ieder kind

U kent de liedjes ongetwijfeld nog. 'O, kom er eens kijken wat ik in mijn schoentje vind, alles gekregen van die beste Sint. 'Zie ginds komt de stoomboot uit Spanje weer aan, hij brengt ons Sint-Nicolaas, ik zie hem al staan.' 'Daar wordt aan de deur geklopt, hard geklopt, zacht geklopt. Daar wordt aan de deur geklopt, wie zou dat zijn?'

Sommige dingen verankeren zich voor altijd. In gedachten komt het allemaal weer helder terug. Gekluisterd aan de televisie, kijken naar Mies Bouwman die de Sint verwelkomt als die voet aan wal zet op Hollandse bodem. De BRT speelde nog niet mee toen. Op de schoot mogen bij de Sint in de Grand Bazar in Antwerpen en overmand door het moment bedeesd ja knikken op de vraag of je braaf bent geweest. Het aftellen naar dé dag. De avond ervoor, met de schoen en de wortel, het ingespannen luisteren, het wachten op het seintje om naar beneden te stormen. De opluchting omdat hij je niet vergeten is. Het speelgoed, de boeken, mandarijntjes en 'mokjes'. Nostalgie troef. 

Het ritueel herhaalde zich, jaar na jaar. Van generatie op generatie  ontrolt de magie van het Sinterklaasfeest zich. Al vele, vele jaren lang. 

WAAR HET VANDAAN KOMT

Sinterklaas, die ook Sint-NicolaasSint of de Goedheiligman wordt genoemd, is het personage waarrond het sinterklaasfeest zich afspeelt dat hier bij ons op 6 december wordt gevierd.

De figuur van Sinterklaas is gebaseerd op de bisschop Nicolaas van Myra, een Griekse heilige die in de derde eeuw na Christus in Lycië in Klein-Azië leefde.

Bij zijn dood op 6 december 342 werd hij er begraven. Eeuwen later, in 1087 werden zijn stoffelijke resten gestolen en naar Bari, Italië, gebracht, waar hij nog altijd begraven zou liggen. 

Aanvankelijk werd hij alleen in het oosten van Europa geëerd, vooral in Griekenland en Rusland. Als schutspatroon van de zeevaarders kreeg hij ook in West-Europa een grote aanhang. In de 13e eeuw werd zijn naamdag vastgesteld op 6 december en vanaf dat moment verspreidde de Nicolaasverering zich over heel Europa.

Verschillende legendes liggen aan de basis van zijn status als beschermheilige van kinderen.

In de late middeleeuwen ontstonden her en der de Sint-Nicolaasmarkten. Na het kerkbezoek kocht men op de markt de geschenken voor het Sint-Nicolaasfeest. Een klassieker, in die tijd al, was de speculaaspop, al was die wel oorspronkelijk bedoeld om te worden gegeven door een jongen aan een meisje, om uit te vissen of die hem zag zitten als eventuele partner. 

bron Wikipedia 

In de loop van de tijd veranderde het feest van een religieus naar een volksfeest, dat vooral in huiselijke kring werd gevierd. Vanaf vorige eeuw kreeg het hele gebeuren steeds meer de wind in de zeilen. Talloze tradities bleven daarbij overeind, van het zetten van een schoen tot het strooien van snoepgoed, het zingen van sinterklaasliedjes en de pakjesmorgen op sinterklaasdag zelf. 

 

Door de tijd heen evolueerde de Sint van een beschermheilige van de kinderen, over een boeman en hardhandige pedagoog, naar de folkloristische kindervriend die hij nog altijd is. 

 

Wij vereenzelvigen hem met de manier waarop hij ook anno 2020 nog altijd wordt neergezet: als een statige oude man met een lange, witte baard en haren, een rode mijter en dito mantel, die op een schimmel rijdt, het Paard van Sinterklaas, dat, zo weten we sedert de televisieserie Dag Sinterklaas, Slechtweervandaag heet. Elk jaar maakt hij zijn opwachting in onze contreien en zet hij samen met (Zwarte) Piet of het legertje aan Pieten dat hij tegenwoordig meebrengt, voet aan wal op Vlaamse bodem met taferelen die ondertussen in het collectief geheugen gegrift staan. 

 

Dat dat nog lang het geval mag zijn.....

© vrt

© Gazet van Antwerpen

© Ketnet

© Vlaams kijken

JAN DECLEIR EN DE SINT 

© De Morgen                                   

                                          © metro

Het doet er misschien niet echt toe, maar voor velen wel, echt wel. 

 

Jan Decleir en de Sint, een duo dat niet meer weg te denken is uit ons geheugen en ons kinderhart.

De Sint, die stem, zijn doen en laten, .... hij was het gewoon. 

 

Lees dit maar als een respectvol, warm eerbetoon aan een groot acteur.

HET ZWARTEPIETENDEBAT

Aanvankelijk had de Sint geen helper. Die kwam er pas nadat de Hollandse onderwijzer Jan Schenkman de eerste was die Sinterklaas in een verhaal uit Spanje liet komen. Volgens hem was Sinterklaas de "Bisschop van Spanje", hij introduceerde ook de knecht die later Zwarte Piet zou gaan heten, en de stoomboot waarmee de Sint naar Nederland kwam. 

Het bleef niet bij één Zwarte Piet, in 1880 was er sprake van twee knechten en na de Tweede Wereldoorlog organiseerden Canadese militairen in Nederland een sinterklaasviering met een massa Zwarte Pieten. Sindsdien wordt Sinterklaas vergezeld door vele Pieten, vaak met voor ieder een eigen taak, onder leiding van een hoofdpiet. Terwijl Sinterklaas altijd statig en gedistingeerd is gebleven, gedragen de Pieten zich veelal als acrobaten en grappenmakers die vaak kwajongensstreken uithalen.

bron Wikipedia

 

Gaandeweg rezen er bezwaren tegen het traditionele zwarte uiterlijk van Zwarte Piet. Het ligt gevoelig door de associatie met het slavernijverleden of racisme, hoewel het traditionele personage nooit in die optiek was of is bedoeld. Sedert 2013 laait die discussie sterk en gepolariseerd op in Nederland. In 2014 kwam het eerste alternatief, de roetpiet. Piet met zwarte vegen in het gezicht, als van roet. Die perceptie en tendens wordt ook hier gaandeweg meer en meer omarmd. In de sinterklaasboeken van uitgeverij Clavis worden voortaan alleen nog roet-en andere pieten opgevoerd. 

 

De kijk op het verleden, tradities, alles evolueert. Inzichten ook. Gevoeligheden leven, in vele facetten. Ze zien en erkennen, aan beide kanten, maakt het mogelijk het feest in stand te houden en ervoor te zorgen dat het blijft wat het in essentie altijd is geweest en zou moeten zijn: een feest voor alle kinderen, ongeacht hun kleur of achtergrond. 

PURE SINTERKLAASNOSTALGIE

Nagenoeg al mijn eerste boeken, boeken die echt van mij waren, die ik koesterde en met de grootste zorg behandelde als ware het een grote schat, waren boeken die de Sint bracht. Een greep uit lang vervlogen tijden, down memory lane.... 

Marcel Marlier, de tekenaar van de onsterfelijke Tiny-boeken, geboren in Herseaux (Moeskroen), startte samen met scenarist Gilbert Delahaye in 1954 een kinderreeks met het boek Martine à la ferme (Tiny op de boerderij). De Nederlandstalige versie werd nagenoeg gelijktijdig uitgebracht, onder het pseudoniem Gijs Haag. Delahaye schreef 48 Tiny-boeken tot zijn dood in 1997. Na de dood van Delahaye neemt de zoon van Marlier de pen over, tot ook zijn vader sterft, in 2011. 

Uiteindelijk werden zestig verhalen van Tiny uitgebracht. De boeken kregen diverse keren een make-over en werden telkens opnieuw uitgebracht. Helaas hebben de tekeningen bij elke update en in vergelijking met de oorspronkelijke ingeboet aan uitstraling. Toch verkopen ze nog altijd als koek. Het laatste boek Martine et le Prince mystérieux (Tiny en de mysterieuze prins) verscheen in 2010. In totaal zouden niet minder dan 100 miljoen exemplaren verkocht zijn van de verhalen van Tiny, in vijftien verschillende landen.

Het is best grappig om te zien hoe anno 2020 onze eigen kleindochter van 4 zich vergaapt aan de tekeningen die ook mij ooit zo betoverden. 

En dan was er ook nog Pietje Puk, de postbode van Keteldorp, een klein dorpje met slechts 10 straten en 400 inwoners. Pietje Puk, de vriend van alle kinderen, die altijd voor anderen klaarstond en de dolste avonturen beleefde. Hij woonde in een post- en telegraafkantoortje met slechts één loket. Het had groene ruitjes en een rode deur. Over zijn leeftijd deed hij altijd geheimzinnig. 

De onderwijzer Henri Arnoldus schreef het eerste boek in 1958. Er zouden uiteindelijk 47 titels van de band rollen.

Ik kreeg verspreid over de jaren heel wat titels uit de reeks als sinterklaasgeschenk. Ik verslond ze allemaal en vinkte de titels af die ik had, om daarna de titels op te lijsten die nog moesten komen.

Later kwamen daar ook nog De Vijf (Enid Blyton) bij en De olijke tweeling, Billy Turf, Sjors en Sjimmie, Pol, de sprookjesverzamelbundels van Grimm en Hans Christian Andersen en nog zoveel meer. 

 

Mijn liefde voor boeken is daar en toen geboren, thuis, van kleinsaf. Ik koester het voor altijd. 

 

Joske 

EN U? WELKE KINDERBOEKEN KOESTERDE U? 

Laat het ons weten, we zijn erg benieuwd. 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.